Zeilverhalen

Mistgordijn voor Harwich –  Pin Mill Genosea openingstocht 12-17 April 2006

De planning was woensdagavond inschepen, donderdagochtend weg en maandag (2e paasdag) weer terug. Woensdagnacht waaide het in de beschutte haven al hard en donderdag werd het inderdaad gedwongen nog een dagje Oostende. Vrijdagochtend, na enkele vergeefse oproepen aan de sluismeester, komt er om 9 uur eindelijk leven in het bedieningshuisje. De lichten gaan aan, we gaan de sluis door, nog even voor de visafslag rondjes draaien, wachtend op het vertrek van een werkboot en we zijn weg. De wind en golven zijn nog steeds stevig, ZW 4-5 en dat zullen we nog zo’n 3-4 uur houden. DSC02504
Daarna zakt de wind een heel eind in, voor enkele uren, precies volgens de BBC verwachting. Het zou minder worden en de richting zou ook helemaal veranderen: uiteindelijk naar ZO. Bij de shipping lane is er nog steeds weinig wind en we maken eerst nog een slagje noordelijker, daarna trekt het wat aan en we kunnen met ruim 5 knopen op het log netjes dwars zeilend oversteken, ook omdat de wind al wat zuidelijker inkomt. Na de shipping lane maken we de door Linda van tevoren bereidde hartige taart warm in de oven. Dat smaakt heerlijk en is een fantastische manier om snel en makkelijk toch een volwaardige warme maaltijd op bord te toveren, iets om te onthouden.

De nacht in

Met een mooie snelheid op het log varen we langzamerhand de nacht in. Vóór ons gaat de zon prachtig rood onder en niet lang daarna komt de maan prachtig rood achter ons op. Het is heel helder. Dat belooft een mooie sterrenhemel, maar ook kou. Ski- en andere warme kleding worden aangerukt en eigenlijk heeft iedereen gewoon zin om aan dek te blijven om van het moment en de sterrenhemel te genieten. Weer wordt bevestigd dat een sterrenhemel nergens zo mooi is als midden op zee, ver van ‘aardse’ lichtbronnen. Het is een overweldigend schouwspel. Met wat ‘guidance’ van schipper Bert kunnen we heel wat van de sterrenbeelden herkennen. Het is inmiddels al een eindje in de nacht, Alfred is inmiddels gaan liggen en ook Bert gaat een uurtje ‘plat’. Linda stuurt en ik co-schipper en navigeer. Ondanks de kou is het helder en fascinerend om het lichtenspel te zien. Aan bakboord zien we in de verte enkele lichten van kardinale tonnen zoals de Trinity South die de zuidgrens van het voorzorgsgebied aangeeft. Ook horen we duidelijk een ‘Whis’, zoals de kaart aangeeft. In de verte horen we ook de ‘Sunk’, een ton met een duidelijke ‘Horn’. Schuin voor ons aan stuurboord zien we veel lichten van geankerde schepen die in het voorzorgsgebied liggen waar wij juist het ZO-deel van zijn binnengevaren.

DSC02508

Ver voor ons zien we de lichten van de haven van Felixstowe een heldere oranje gloed de hemel in schijnen. Het heeft iets weg van de nachtelijke aanblik van de Westlandse kassen vanaf de snelweg. Ineens merken we dat de kardinale lichten aan onze BB zijde vager en waziger worden. Het zicht vermindert daar. Gelukkig hebben we die verlichte ‘kerstbomen’ van de geankerde schepen aan onze SB kant ter orientatie, denk ik nog. Maar zo’n 10 minuten later zien we die ook langzaam maar onverbiddelijk in nevelen verdwijnen. Niet ‘minder zicht’ dus, maar echte mist, shit ! Kort geleden konden we nog ruim rondom ons kijken dankzij de heldere nacht en de vele lichten die de orientatie heel makkelijk maakten. In heel korte tijd is ons wereldje ineens heel klein geworden, alleen op de wereld lijkt het. ‘Samba, samba hier de Flamenco, over…’ klinkt het uit de marifoon. Onze mede-Genoseanen roepen ons op en na overschakelen op kanaal 77 blijken ze zo’n 10-15 mijl NW van ons te zitten. Ze zijn de ‘Sunk’ voorbij en varen bijna het voorzorgsgebied uit. Bij hen is het zicht nog helder, ze kijken er van op dat er bij ons mist is. Inmiddels hebben we alle hens aan dek geroepen en proberen ons met zijn allen te oriënteren. We horen de ‘Sunk’ duidelijk recht voor ons. Prima, want dat is een goede koers om zo snel mogelijk het voorzorgsgebied uit te komen. Gelukkig blijft er een flinke wind staan, dus we kunnen goede voortgang maken zonder motor(lawaai).

Tussen ondiepten en scheepvaartDSC02509

De mist is alsmaar dikker geworden en we hebben nu een zicht van 50-100 meter, schat ik. We passeren de luid klinkende Sunk zonder deze te zien en gaan een noordelijke koers varen, gelukkig nog allemaal goed bezeild. Ik probeer op de GPS onze positie met korte tussenpozen zo nauwkeurig mogelijk bij te houden en op de kaart in te tekenen. We hebben ook geen radar, zoals de Flamenco, dus de GPS is op dit moment ons enige gedetailleerde oriëntatiemiddel. Met straks ondieptes aan onze linkerkant (een 0.3m punt staat er in de kaart) en de in- en uitgaande scheepvaartroute van Harwich aan onze rechterkant hebben we dat met dit extreem slechte zicht ook hard nodig. Ik pendel regelmatig het trapje op en af om mijn hoofd af en toe eens naar buiten te steken en samen met de rest van de crew de grijze duisternis in te turen, om me dan snel weer over mijn kaart en de GPS te buigen. Nog maar eens een positie in de kaart zetten. Als ik weer een keer terug kom bij de navigatietafel weet ik plots wat die weeë plastic lucht was die ik al een tijdje rook. Het kwam van het kaartlampje, want dat doet het nu niet meer. Het omhulsel is nog wat verder verschroeid dan het al was. Duidelijk dat er een te sterk lampje in zat, maar goed, die wetenschap helpt ons niet verder. Dan maar het cabine licht aan want de GPS en kaart zijn essentieel op dit moment. We reven het voorzeil een beetje om met dit slechte zicht niet te hard te gaan en zo gaan we een tijdje door. Dan merk ik dat onze GPS gekke dingen doet, ik vertrouw het niet meer omdat het niet klopt met de waarnemingen tot nu toe. En inderdaad blijft hij op dezelfde positie staan. Oei, dat was toch dat apparaat waar we zo volledig van afhankelijk waren ? Gelukkig dat onze schipper goed voorbereid op pad is gegaan. Niet alleen had hij zijn eigen up to date en gedetailleerde kaarten van dit gebied meegenomen waar we nu dankbaar gebruik van maken, ook heeft hij voor 4 weken chocola ingekocht bij Delhaize in Oostende. Maar nog belangrijker; hij heeft zijn hand-held GPS mee die nog aansluitbaar is op het boordnet via de sigarettenaansteker plug ook ! Op dit soort momenten komt dat als een geschenk uit de hemel. Snel aangesloten en we lezen weer posities af die kloppen met de andere waarnemingen. Snel een positie in de kaart zetten en verslag uitbrengen aan Bert die aan het roer staat.

De ‘roughs’ kardinaal dichtbij

Na enige tijd zouden we aan BB kant een O-kardinaal moeten zien, de ‘roughs’, met lichtkenmerk Q3. Ik blijf posities in de kaart zetten en de grondkoers controleren. Op een gegeven moment staat mijn kaartpositie vlak naast de kardinaal op de kaart en ik meld aan de waarnemers buiten dat ze nu toch de kardinaal zouden moeten kunnen zien. Nog geen halve minuut later hoor ik luid geroep. Kardinaal gezien en gelukkig ook nog aan onze BB kant, dus we zitten goed. Dit geeft een vreemd dubbel gevoel. Gelukkig dat we hem zien en mooi dat het zo goed klopt met de navigatie, maar tegelijkertijd realiseer je je dat we ècht slecht zicht hebben. Je ziet de lichten eerst totaal niet, dan zie je ze plotseling heel snel en dichtbij opdoemen, heel fel verlicht en op enkele tientallen meters afstand lijkt het, en even later zijn ze al weer schuin achter ons in de mist verdwenen. Afijn, tijd om er over na te denken is er nu niet. Van buiten komt de kreet dat plots de log-dieptemeter verlichting er mee ophoudt. Ook het semi-deskundig indrukken van wat knopjes brengt geen verbetering. Doorgaan maar en af en toe met een zaklamp aflezen, echt continu hebben we dat niet nodig. Maar over niet al te lange tijd naderen we de ondiepte aan onze BB kant en daar zou de dieptemeter een welkom extra hulpmiddel zijn voor de navigatie. Het is zaak om ook die N-kardinaal ‘Cork Sand’ aan bakboord te houden. We varen dus wat ruimer noordelijk door tot iets voor de scheepvaart route die hier ook van noordelijk naar westelijk afbuigt en verleggen dan pas onze koers naar West. We varen nu parallel aan de scheepvaartroute, die aan SB van ons is en zo meteen moeten we dan de Cork Sand (Q) kardinaal aan BB van ons gaan zien. Deze aanbevolen route voor jachten is maar een smalle veilige route. Ik blijf daarom bijna continu posities in de kaart zetten en de kompas- en grondkoers controleren in interactie met Bert aan het roer. Linda en Alfred staan mee op uitkijk. Ineens gaat de verlichting uit en houdt ook de GPS ermee op. Eigenlijk alle elektrisch apparaten. Het is direct duidelijk; de boordaccu is leeg door de felle kajuitlichten die we nodig hadden om het kaarleeslampje te vervangen. Snel de motor gestart (op zijn eigen accu gelukkig !) en ja alles doet het weer: ook de dieptemeter verlichting buiten odoet het weer. De GPS hervindt gelukkig snel zijn positie en ik kan weer controleren. We maken nog goede vaart met de zeilen, de motor gebruiken we eigenlijk alleen standby voor de electriciteit. DSC02506

Voor anker

We naderen een klein ankergebied, waarna we een ruimer ondieptegebied invaren. Daar willen we ankeren om daglicht af te wachten, alvorens het drukke havengebied van Harwich binnen te varen. Dat past ook mooi met de vloedstroom die ons in de ochtend meehelpt de rivier op naar binnen. De Flamenco ligt daar al geruime tijd voor anker, we hebben hun exacte positie al eerder via de marifoon doorgekregen. Nog een aantal keren herhaalt zich de interactie tussen GPS-kaartpositie beneden en het observeren van de lichten boven. Nu zijn het om de paar mijl de rode lichten van de scheepvaartroute waar we net buiten varen aan onze SB kant. Ook hier steeds weer: niets te zien, plots fel zichtbaar licht en al weer weg, Schuin achter ons verdwenen in de mist. Ook hebben we dat een keer met een groot schip. Het langzaam dreunende dieselgeluid horen we al een tijdje, maar de richting en afstand valt niet waar te nemen. Het klinkt van overal. Bert staat aan het roer en ziet ineens schuin rechts achter hem een hoop lichten. Een groot schip vaart keurig door de vaargeul en wij zitten er netjes buiten. Het is echter wel heel dichtbij en ook heel plotseling. Je ziet niets, dan is hij er ineens met al zijn lichten die langzaam voorbij schuiven en weg is hij weer.

Gelukkig zijn we in ons geplande ankergebied aangekomen, waar we iets verder van de scheepvaartroute weg kunnen. Nu is het zaak niet tegen de Flamenco aan te varen. We zoeken op de dieptemeter een goede ankerplek op. Terwijl we druk bezig zijn met ankeren zien we plots ook een groot wit licht. We proberen te raden wat dat nu weer is. In ieder geval een schip want het is een vast licht, maar hier, buiten de scheepvaarroute ? Als de mist even iets dunner wordt zien we ineens duidelijk de Flamenco liggen. Zij hadden ons kennelijk gehoord en hebben een felle schijnwerper aangedaan. Even later zijn ze alweer in de mist verdwenen en zijn we weer alleen op de wereld. As we overtuigd zijn dat we goed liggen is het inmiddels iets voor zeven en we gaan vermoeid te kooi. Elk half uur ga ik er even uit om onze GPS positie te controleren. Het kerende tij zou ons anker immers los kunnen werken. Af en toe, als de mist even iets dunner is, kunnen we ook een van de rode lichten van de aanlooproute zien. Dat helpt de oriëntatie. Onze hoop was dat tegen daglicht de zon de mist zou verjagen, maar rond 9 uur is het nog steeds minimaal zicht. Om 10 uur ook nog, dus maken we een plan om onze companen op te zoeken om met behulp van hun radar achter hen aan naar binnen te varen. We melden dit via de marifoon en GSM maar we krijgen geen contact. We gaan ankerop en met de GPS hebben we ze snel gevonden. Ze zijn allemaal aan dek en na enig overleg varen we achter elkaar met een zeer rustig gangetje richting havenmond.

River Orwell

We volgen de aanbevolen jachtenroute ten zuiden van de aanlooproute voor de grote scheepvaart. Bijna ongemerkt wordt het zicht geleidelijk beter terwijl we de scheidingslijn land water passeren. Het duurt even voor we ons realiseren dat we genoeg zicht hebben om onze eigen weg te vinden en niet veel later klaart het nog verder op. We hijsen de zeilen, varen het drukke deel van de havens van Harwich en Felixstowe voorbij en zeilen met nog een beetje stroom de brede river Orwell op. Nu pas laat ik mijn concentratie zakken. Ik realiseer me dat het ‘mist-avontuur’ voorbij is en voel vermoeidheid  maar ook opluchting. Ja hoor: we zeilen op de rivier tussen Engelse jachten die zelfs zo vroeg in het jaar al talrijk aanwezig zijn. De zon komt af en toe door en met de inmiddels ZO wind kunnen we helemaal op zeil doorvaren tot aan Woolverstone marina, waar we aanmeren. DSC02511 DSC02512

Een welverdiend en nu relaxed uiltje knappen zonder ankerwacht, ferm vastgeknoopt aan de steiger, is heerlijk. Een uitgebreide douche doet de rest. Ik ben klaar voor het laatste deel van de tocht. Te voet, naar de ‘world famous pub Butt and Oyster’ zoals de McMillan-Reeds zegt. ‘Pin Mill here we come’. Samen met onze Flamenco collega’s aperitieven we (in België is dat een werkwoord !) in de Butt&Oyster en wij blijven er ook eten. Mixed Grill neem ik: diverse heerlijk gebraden soorten vlees in een zwaar gietijzeren pan op tafel geserveerd. Een echte Engelse vette hap, normaal niet zo mijn ding en ook niet echt zoals ik het inmiddels in culinair België gewend ben, maar de sfeer van deze authentieke oudbruine pub maakt dat meer dan goed. Het smaakt ons heerlijk; ook al omdat we er de voldoening van een niet gemakkelijke maar zeer geslaagde overtocht in proeven.

DSC02523 DSC02520 DSC02518 DSC02516

Spoelen en pompen

De volgende ochtend staan we relaxed op en nemen nog een lekkere douche in de luxe douches van Woolverstone. Het werkt niet met muntjes dus je kunt er je tijd voor nemen; wat een luxe. De GPS hebben we niet meer op ‘route’ gezet maar alleen op positie, COG en SOG. Meer hebben we niet nodig. In retrospectief hebben we bedacht dat hij het op de heenreis misschien niet meer deed omdat we bij het laatste waypoint waren aangekomen dat we erin gezet hadden: route volbracht. Toch had ik ook al een keer eerder het gevoel dat het niet helemaal klopte, dus we houden de hand-held ook standby. Bert heeft inmiddels met een kleine zaklamp (had-ie ook al bij zich !) een nieuwe kaartleeslamp-constructie gefabriceerd. We hebben genoeg batterijen en zelfs nog eenzelfde zaklampje van mij als reserve, dus dat moet lukken.

Maar ook vastliggend in de haven kun je nog technische tegenslag hebben. ’s Ochtends ontdekken we dat het toilet niet meer pompt zoals het hoort. Het blijkt ook niet te repareren, ondanks een uurtje gesleutel van Bert in die veel te kleine ruimte. Gelukkig lukt leegpompen wel en we kunnen spoelen met de handdouche. De watertanks nog even goed vol doen dus. Gelukkig blijkt dat echt onze laatste technische tegenslag te zijn en ook het weer werkt nu volledig mee. De wind is ideaal, inmiddels weer uit Westelijke richtingen en we zeilen de hele river Orwell weer af.

Glooiend groene graslanden

Met een zonnetje kunnen we nog eens van het mooie glooiende groene Engelse heuvellandschap genieten. Eenmaal op zee moet nog even de motor bij, maar bijna alles kan weer op zeil. We hebben goed zicht bij het ’s nachts oversteken van de shipping lane. Het is bewolkt, dus niet al te koud. We kunnen onze ideale koerslijn helemaal volgen en we draaien onze wachten. Het gaat zo vlot dat we besluiten naar Nieuwpoort te varen. Daar komen we ’s ochtends om 7 uur aan, we maken vast aan een tank-steiger en slapen tot 10 uur. Dan worden we gewekt door kloppen op de romp en we zijn meteen weer weg. De motor moet nog even extra bij omdat we in de havengeul een beetje in de modder vastlopen. Het is laag water en springtij, maar het verrast ons wel omdat we dat van Nieuwpoort niet wisten. Van Blankenberge is dat wel bekend. Op zee schijnt de zon en hebben we een rustig windje in de rug. Het gaat niet hard want we doen zo’n 4 uur over de 9 mijl naar Oostende, maar het is prachtig zonnig, heel relaxed en we genieten van deze toegift. Na het soepel passeren van de sluizen met Linda aan het roer lopen we binnen en ruimen op. We eten nog wat in de kuip in de zon. Dan ruimen we verder op en voeren het bekende ritueel op: het verdelen van de resterende ‘buit’. Het is de afsluiting van een zeer geslaagde Pin Mill tocht. Wat ons betreft is het seizoen waardig geopendDSC02515

Schip:
Samba, Jeanneau Sun Odyssee 35, bouwjaar 2001
Bemanning:
Bert van den Berg, schipper
Dolf van Wijk, co-schipper
Linda Overgoor
Alfred Spronk

Tocht: Oostende Mercatordok naar Wolverstone marina, river Orwell en terug via Nieuwpoort, ruim 190 zeemijl.

Ook verschenen in Genosea jubileum boek 2007

Advertenties

One response to “Zeilverhalen”

  1. Stefaan Vanhecke says :

    Pin Mill… zo’n oude droom van mij… ooit komt het ervan. Leuke herinneringen die namen Bert vd Berg, Alfred Spronk… Dolf van Wijk hoeft geen betoog.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

The Risk-Monger

Let's examine hard decisions!

TV Olen

U hoeft dit niet te lezen.

eunmask

WE REVEAL WHAT THE EU AND THE MEDIA TRY TO CONCEAL

JunkScience.com

All the junk that’s fit to debunk.

NOT A LOT OF PEOPLE KNOW THAT

“We do not believe any group of men adequate enough or wise enough to operate without scrutiny or without criticism. We know that the only way to avoid error is to detect it, that the only way to detect it is to be free to inquire. We know that in secrecy error undetected will flourish and subvert”. - J Robert Oppenheimer.

straffe madammen

maakt vrouwen zichtbaar in de media, op congrespodia en in bedrijven

Climate of Sophistry

Climate science is sophistry...i.e., BS.

%d bloggers liken dit: